Selected

Original Text
Sofian S. Siregar

Available Translations

51 Adh-Dhāriyāt ٱلذَّارِيَات

< Previous   60 Āyah   The Winnowing Winds      Next >  

بِسْمِ اللَّهِ الرَّحْمَٰنِ الرَّحِيمِ
In the name of Allah, Most Gracious, Most Merciful.

51:1 وَٱلذَّٰرِيَـٰتِ ذَرْوًا
51:1
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de winden die doen opwaaien.

51:2 فَٱلْحَـٰمِلَـٰتِ وِقْرًا
51:2
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de wolken die een zware last dragen.

51:3 فَٱلْجَـٰرِيَـٰتِ يُسْرًا
51:3
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de schepen die gemakkelijk voortdrijven.

51:4 فَٱلْمُقَسِّمَـٰتِ أَمْرًا
51:4
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de verdelers (de Engelen) die volgens een verordening verdelen.

51:5 إِنَّمَا تُوعَدُونَ لَصَادِقٌ
51:5
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, wat jullie is aangezegd zal zeker bewaarheid worden.

51:6 وَإِنَّ ٱلدِّينَ لَوَٰقِعٌ
51:6
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En voorwaar, de (Dag der) Opstanding zal zeker plaatsvinden.

51:7 وَٱلسَّمَآءِ ذَاتِ ٱلْحُبُكِ
51:7
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de hemel met zijn banen (van sterren en planeten).

51:8 إِنَّكُمْ لَفِى قَوْلٍ مُّخْتَلِفٍ
51:8
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, jullie standpunt (tegenover de Profeet en de Koran) wisselt.

51:9 يُؤْفَكُ عَنْهُ مَنْ أُفِكَ
51:9
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Degene die ervan afgewend wordt, die wordt belogen.

51:10 قُتِلَ ٱلْخَرَّٰصُونَ
51:10
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Verdoemd zijn de leugenaars!

51:11 ٱلَّذِينَ هُمْ فِى غَمْرَةٍ سَاهُونَ
51:11
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Degenen die in achteloosheid verkeren.

51:12 يَسْـَٔلُونَ أَيَّانَ يَوْمُ ٱلدِّينِ
51:12
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij vragen: "Wanneer is de Dag van de Opstanding?"

51:13 يَوْمَ هُمْ عَلَى ٱلنَّارِ يُفْتَنُونَ
51:13
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Op die Dag zullen zij in de Hel verbrand worden.

51:14 ذُوقُوا۟ فِتْنَتَكُمْ هَـٰذَا ٱلَّذِى كُنتُم بِهِۦ تَسْتَعْجِلُونَ
51:14
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(De bewaker van de Hel zegt:) "Proeft jullie bestraffing. Dit is waar jullie de bespoediging van vroegen."

51:15 إِنَّ ٱلْمُتَّقِينَ فِى جَنَّـٰتٍ وَعُيُونٍ
51:15
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, de Moettaqôen verblijven in Tuinen en bij bronnen (in het Paradijs).

51:16 ءَاخِذِينَ مَآ ءَاتَىٰهُمْ رَبُّهُمْ ۚ إِنَّهُمْ كَانُوا۟ قَبْلَ ذَٰلِكَ مُحْسِنِينَ
51:16
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij nemen wat hun Heer hun geeft. Voorwaar, zij behoorden voorheen tot de weldoeners.

51:17 كَانُوا۟ قَلِيلًا مِّنَ ٱلَّيْلِ مَا يَهْجَعُونَ
51:17
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij plachten gedurende de nacht weinig te slapen.

51:18 وَبِٱلْأَسْحَارِ هُمْ يَسْتَغْفِرُونَ
51:18
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En in de laatste uren van de nacht smeekten zij om vergeving.

51:19 وَفِىٓ أَمْوَٰلِهِمْ حَقٌّ لِّلسَّآئِلِ وَٱلْمَحْرُومِ
51:19
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En van hun bezittingen was een rechtmatig deel voor de bedelaar en voor degene die zich weerhield van bedelen.

51:20 وَفِى ٱلْأَرْضِ ءَايَـٰتٌ لِّلْمُوقِنِينَ
51:20
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En op de aarde zijn Tekens voor de overtuigden.

51:21 وَفِىٓ أَنفُسِكُمْ ۚ أَفَلَا تُبْصِرُونَ
51:21
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En ook in jullie zelf, zien jullie dan niet?

51:22 وَفِى ٱلسَّمَآءِ رِزْقُكُمْ وَمَا تُوعَدُونَ
51:22
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En in de hemel is jullie voorziening, en wat jullie is beloofd.

51:23 فَوَرَبِّ ٱلسَّمَآءِ وَٱلْأَرْضِ إِنَّهُۥ لَحَقٌّ مِّثْلَ مَآ أَنَّكُمْ تَنطِقُونَ
51:23
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Bij de Heer van de hemel en de aarde: voorwaar, het is zeker waar, zo waar als (het feit) dat jullie spreken.

51:24 هَلْ أَتَىٰكَ حَدِيثُ ضَيْفِ إِبْرَٰهِيمَ ٱلْمُكْرَمِينَ
51:24
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Heeft de geschiedenis van de geëerde gasten van Ibrahîm jou bereikt?

51:25 إِذْ دَخَلُوا۟ عَلَيْهِ فَقَالُوا۟ سَلَـٰمًا ۖ قَالَ سَلَـٰمٌ قَوْمٌ مُّنكَرُونَ
51:25
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen zij bij hem kwamen, zeiden zij: "Vrede!" Hij zei: "Vrede!", (en hij dacht bij zichzelf:) "Onbekend volk."

51:26 فَرَاغَ إِلَىٰٓ أَهْلِهِۦ فَجَآءَ بِعِجْلٍ سَمِينٍ
51:26
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hij ging toen vlug naar zijn familie en bracht een geroosterd kalf.

51:27 فَقَرَّبَهُۥٓ إِلَيْهِمْ قَالَ أَلَا تَأْكُلُونَ
51:27
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hij plaatste het daarop vóór hen, en zei: "Eten jullie het niet?"

51:28 فَأَوْجَسَ مِنْهُمْ خِيفَةً ۖ قَالُوا۟ لَا تَخَفْ ۖ وَبَشَّرُوهُ بِغُلَـٰمٍ عَلِيمٍ
51:28
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(Maar zij wilden niet eten.) Toen voelde hij angst voor hen. Zij zeiden: "Wees niet bang." En zij verkondigden hem de verheugende tijding over (de geboorte van) een verstandige jongeling (Ishâq).

51:29 فَأَقْبَلَتِ ٱمْرَأَتُهُۥ فِى صَرَّةٍ فَصَكَّتْ وَجْهَهَا وَقَالَتْ عَجُوزٌ عَقِيمٌ
51:29
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zijn vrouw kwam schreeuwend naar voren, en zij sloeg zich in haar gezicht, en zei: "Ik ben een oude, onvruchtbare vrouw!"

51:30 قَالُوا۟ كَذَٰلِكِ قَالَ رَبُّكِ ۖ إِنَّهُۥ هُوَ ٱلْحَكِيمُ ٱلْعَلِيمُ
51:30
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij zeiden: "Zo heeft jouw Heer gesproken: voorwaar, Hij is de Alwijze, de Alwetende."

51:31 ۞ قَالَ فَمَا خَطْبُكُمْ أَيُّهَا ٱلْمُرْسَلُونَ
51:31
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hij (Ibrâhîm) vroeg: "Wat is jullie boodschap, O gezanten?"

51:32 قَالُوٓا۟ إِنَّآ أُرْسِلْنَآ إِلَىٰ قَوْمٍ مُّجْرِمِينَ
51:32
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zij zeiden: "Voorwaar, wij zijn gezonden naar een volk van misdadigers.

51:33 لِنُرْسِلَ عَلَيْهِمْ حِجَارَةً مِّن طِينٍ
51:33
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Opdat wij stenen van klei op hen neerzenden.

51:34 مُّسَوَّمَةً عِندَ رَبِّكَ لِلْمُسْرِفِينَ
51:34
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Die zijn gekenmerkt bij jouw Heer, voor de overtreders."

51:35 فَأَخْرَجْنَا مَن كَانَ فِيهَا مِنَ ٱلْمُؤْمِنِينَ
51:35
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen deden Wij degenen die daar tot de gelovigen behoorden vertrekken.

51:36 فَمَا وَجَدْنَا فِيهَا غَيْرَ بَيْتٍ مِّنَ ٱلْمُسْلِمِينَ
51:36
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Maar Wij troffen daar slechts één huis van degenen die zich (aan Allah) overgegeven hadden aan. (het huis van Lôeth)

51:37 وَتَرَكْنَا فِيهَآ ءَايَةً لِّلَّذِينَ يَخَافُونَ ٱلْعَذَابَ ٱلْأَلِيمَ
51:37
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En Wij lieten daar een Teken achter voor degenen die de pijnlijke bestraffing vreesden.

51:38 وَفِى مُوسَىٰٓ إِذْ أَرْسَلْنَـٰهُ إِلَىٰ فِرْعَوْنَ بِسُلْطَـٰنٍ مُّبِينٍ
51:38
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En ook in (de geschiedenis van) Môesa toen Wij hem naar Fir'aun zonden met een duidelijk bewijs.

51:39 فَتَوَلَّىٰ بِرُكْنِهِۦ وَقَالَ سَـٰحِرٌ أَوْ مَجْنُونٌ
51:39
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Hij (Fir'aun) wendde zich af met zijn gevolg, en hij zei: "(Hij is) een tovenaar, of een bezetene!"

51:40 فَأَخَذْنَـٰهُ وَجُنُودَهُۥ فَنَبَذْنَـٰهُمْ فِى ٱلْيَمِّ وَهُوَ مُلِيمٌ
51:40
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Daarop grepen Wij hem en zijn legers en wierpen hen in de zee. En hem (Fir'aun) trof de blaam.

51:41 وَفِى عَادٍ إِذْ أَرْسَلْنَا عَلَيْهِمُ ٱلرِّيحَ ٱلْعَقِيمَ
51:41
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En in de 'Âd, toen Wij over hen een verwoestende wind zonden.

51:42 مَا تَذَرُ مِن شَىْءٍ أَتَتْ عَلَيْهِ إِلَّا جَعَلَتْهُ كَٱلرَّمِيمِ
51:42
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Die niets heel liet van wat hij tegenkwam, maar (alles) tot ruïnes maakte.

51:43 وَفِى ثَمُودَ إِذْ قِيلَ لَهُمْ تَمَتَّعُوا۟ حَتَّىٰ حِينٍ
51:43
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En in de Tsamôed, toen tot hen gezegd werd: "Geniet maar, tot een bepaalde tijd."

51:44 فَعَتَوْا۟ عَنْ أَمْرِ رَبِّهِمْ فَأَخَذَتْهُمُ ٱلصَّـٰعِقَةُ وَهُمْ يَنظُرُونَ
51:44
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen waren zij hoogmoedig tegenover het gebod van hun Heer, waarop de bliksemslag hen greep, terwijl zij toezagen.

51:45 فَمَا ٱسْتَطَـٰعُوا۟ مِن قِيَامٍ وَمَا كَانُوا۟ مُنتَصِرِينَ
51:45
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Toen konden zij niet meer opstaan en zij konden zichzelf niet helpen.

51:46 وَقَوْمَ نُوحٍ مِّن قَبْلُ ۖ إِنَّهُمْ كَانُوا۟ قَوْمًا فَـٰسِقِينَ
51:46
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En het volk van Nôeh van daarvóór: voorwaar, zij waren een zwaar zondig volk.

51:47 وَٱلسَّمَآءَ بَنَيْنَـٰهَا بِأَيْي۟دٍ وَإِنَّا لَمُوسِعُونَ
51:47
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En Wij hebben de hemel met een grote macht gebouwd. En voorwaar, Wij zijn zeker Machtigen.

51:48 وَٱلْأَرْضَ فَرَشْنَـٰهَا فَنِعْمَ ٱلْمَـٰهِدُونَ
51:48
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En Wij hebben de aarde uitgespreid, en de beste Uitspreiders zijn Wij.

51:49 وَمِن كُلِّ شَىْءٍ خَلَقْنَا زَوْجَيْنِ لَعَلَّكُمْ تَذَكَّرُونَ
51:49
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En van alle dingen hebben Wij paren geschapen. Hopelijk zullen jullie je laten vermanen.

51:50 فَفِرُّوٓا۟ إِلَى ٱللَّهِ ۖ إِنِّى لَكُم مِّنْهُ نَذِيرٌ مُّبِينٌ
51:50
Sofian S. Siregar (Dutch) :
(Zeg, O Moehammad) "Vlucht daarom naar Allah: voorwaar, ik ben voor jullie van Hem (voor Zijn bestraffing) een duidelijke waarschuwer.

51:51 وَلَا تَجْعَلُوا۟ مَعَ ٱللَّهِ إِلَـٰهًا ءَاخَرَ ۖ إِنِّى لَكُم مِّنْهُ نَذِيرٌ مُّبِينٌ
51:51
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En neemt naast Allah geen andere god: voorwaar, ik ben voor jullie van Hem (voor Zijn bestraffing) een duidelijke waarschuwer."

51:52 كَذَٰلِكَ مَآ أَتَى ٱلَّذِينَ مِن قَبْلِهِم مِّن رَّسُولٍ إِلَّا قَالُوا۟ سَاحِرٌ أَوْ مَجْنُونٌ
51:52
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Zo kwam er tot degenen vóór hen geen Boodschapper, of zij zeiden: "(Hij is) een tovenaar, of een bezetene."

51:53 أَتَوَاصَوْا۟ بِهِۦ ۚ بَلْ هُمْ قَوْمٌ طَاغُونَ
51:53
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Dragen zij dit aan elkaar over (van geslacht op geslacht)? Zij zijn zelfs een overtredend volk.

51:54 فَتَوَلَّ عَنْهُمْ فَمَآ أَنتَ بِمَلُومٍ
51:54
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wend je daarom van hen af, dan wordt jou niets verweten.

51:55 وَذَكِّرْ فَإِنَّ ٱلذِّكْرَىٰ تَنفَعُ ٱلْمُؤْمِنِينَ
51:55
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En vermaan: want voorwaar, de vermaning baat de gelovigen.

51:56 وَمَا خَلَقْتُ ٱلْجِنَّ وَٱلْإِنسَ إِلَّا لِيَعْبُدُونِ
51:56
Sofian S. Siregar (Dutch) :
En Ik heb de Djinn's en de mens slechts geschapen om Mij te dienen.

51:57 مَآ أُرِيدُ مِنْهُم مِّن رِّزْقٍ وَمَآ أُرِيدُ أَن يُطْعِمُونِ
51:57
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Ik wens geen voorzieningen van hen, en ik wens niet dat zij Mij voeden.

51:58 إِنَّ ٱللَّهَ هُوَ ٱلرَّزَّاقُ ذُو ٱلْقُوَّةِ ٱلْمَتِينُ
51:58
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, Allah is de Voorziener, de Bezitter van sterke kracht.

51:59 فَإِنَّ لِلَّذِينَ ظَلَمُوا۟ ذَنُوبًا مِّثْلَ ذَنُوبِ أَصْحَـٰبِهِمْ فَلَا يَسْتَعْجِلُونِ
51:59
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Voorwaar, de zonden van degenen die onrecht plegen zijn gelijk aan de zonden van hun soortgenoten (in vroegere generaties). Laten zij daarom Mij niet vragen (de bestraffing) te bespoedigen.

51:60 فَوَيْلٌ لِّلَّذِينَ كَفَرُوا۟ مِن يَوْمِهِمُ ٱلَّذِى يُوعَدُونَ
51:60
Sofian S. Siregar (Dutch) :
Wee dan degenen die ongelovig zijn op hun Dag die aangezegd is.